Paragrafen

Lokale heffingen

Onder lokale lastendruk wordt verstaan hoe de lokale lastendruk zich verhoudt ten opzichte van de landelijke lastendruk. Hierbij is voornamelijk de hoogte van de opcentenheffing van toepassing.
Wij hebben ons eigen tarief per 1 januari 2025 niet verhoogd. Het tarief bedraagt 95,7 opcenten.
Op de ranglijst van duurste provincies van Nederland neemt de provincie Groningen de derde plaats in, na Zuid-Holland en Gelderland.

Het hiernavolgende overzicht toont de ontwikkeling van ons tarief ten opzichte van het landelijk gemiddelde en het maximaal toegestane tarief en verder het stijgingspercentage in 2023, 2024 en 2025 van deze grootheden. Het wettelijk maximumtarief is per 1 januari 2025 bijgesteld aan de ontwikkeling van het prijspeil tot 139,9 opcenten. Het percentage waarmee het maximumaantal opcenten jaarlijks verandert heeft geen normerende werking naar provincies. Provincies mogen zelf besluiten over de mate waarin de tarieven stijgen.
De enige begrenzing zit in de absolute hoogte van het maximumaantal opcenten.

Tabel 18. Ontwikkeling opcenten motorrijtuigenbelasting

Aantallen opcenten

Realisatie 2023

Realisatie 2024

Realisatie 2025

provincie Groningen

95,7

95,7

95,7

landelijk gemiddelde

84,7

87,4

88,8

provincie Groningen als % van landelijk gemiddelde

113,0

109,5

107,8

wettelijk maximum

125,8

138,3

139,9

provincie Groningen als % van wettelijk maximum

76,1

69,2

68,4

Stijgingspercentages tarieven per 1 januari

Realisatie 2023

Realisatie 2024

Realisatie 2025

provincie Groningen

1,2%

0,0%

0,0%

landelijk gemiddelde

1,2%

3,2%

1,6%

wettelijk maximum

6,3%

9,9%

1,2%

Vergelijking bedrag belasting Groningen met de provincies met het hoogste tarief en het laagste tarief 2025

Groningen

Zuid-Holland

Noord-Holland

Tarief opcenten

95,7

101,5

77,4

Fossiel aangedreven auto van:

800 kg

€ 103,28

€ 109,54

€ 83,53

1.100 kg

€ 220,07

€ 233,41

€ 177,99

1.500 kg

€ 398,92

€ 423,09

€ 322,63

Elektrische auto van 1.500 kg

€ 99,73

€ 105,77

€ 80,66

In onderstaande tabel zijn de gehanteerde tarieven voor de opcentenheffing in de afzonderlijke provincies opgenomen. Daaruit blijkt dat in 2025 de provincie Groningen de derde plek inneemt als het gaat om de hoogte van de provinciale opcenten, na Zuid-Holland en Gelderland.

Tabel 19. Tarieven opcenten mrb in de twaalf provincies

Provincie

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Groningen

89,3

90,4

91,8

93,3

94,5

95,7

95,7

95,7

Fryslân

70,0

71,1

87,0

87,0

87,0

87,0

89,6

92,1

Drenthe

92,0

92,0

92,0

92,0

92,0

92,0

92,0

92,0

Overijssel

79,9

79,9

79,9

79,9

79,9

79,9

82,2

82,2

Gelderland

89,2

89,2

87,2

89,5

90,6

93,0

97,9

101.2

Flevoland

79,0

79,8

80,6

81,4

82,2

82,2

83,0

83,9

Utrecht

72,6

72,6

73,6

74,9

77,5

79,4

81,9

84,2

Noord-Holland

67,9

67,9

67,9

67,9

67,9

67,9

77,4

77,4

Zuid-Holland

90,4

90,4

90,4

90,4

91,8

95,7

98,7

101,5

Zeeland

82,3

89,1

89,1

89,1

82,3

84,4

84,4

84,4

Noord-Brabant

76,1

76,1

78,0

78,4

79,6

80,8

82,8

84,9

Limburg

77,9

77,9

77,9

77,9

79,1

80,6

83,1

85,8

Gemiddeld tarief

80,5

81,4

83,0

83,5

83,7

84,7

87,4

89,8

Maximaal tarief

111,8

113,2

115,0

116,8

118,4

125,8

138,3

139,9

Er is een relatie tussen de opcentenheffing en de algemene uitkering uit het Provinciefonds.
De verdeling tussen de provincies van de totale omvang van het Provinciefonds is gebaseerd op verdeelmaatstaven waaronder de theoretische opbrengst voor de motorrijtuigenbelasting.
In het verdeelmodel Provinciefonds wordt de opbrengst per opcent motorrijtuigenbelasting als negatieve inkomstenmaatstaf gehanteerd. De opbrengst per opcent wordt vervolgens voor elke provincie vermenigvuldigd met een verrekentarief van 65,9 opcenten.
De hoogte van de door de provincies vastgestelde tarieven heeft dus geen invloed op de algemene uitkering uit het Provinciefonds.
Met deze maatstaf wordt beoogd de tussen de provincies bestaande verschillen in belastingcapaciteit te compenseren. In situaties waarin het totale provinciale belastinggebied groter van omvang wordt en/of waarin ons aandeel in het totale provinciale belastinggebied afneemt zal de compensatie via het Provinciefonds stijgen. Omgekeerd zal deze dalen.

In onderstaande tabel laten we zien in welke mate de verschillende provincies in 2025 gebruik hebben gemaakt van hun maximale belastingcapaciteit. Uit die vergelijking blijkt dat provincie Zuid-Holland het meest gebruik maakt van de belastingcapaciteit. Provincie Noord-Holland heeft zowel absoluut als procentueel de grootste vrije zoom (onbenutte belastingcapaciteit).

Tabel 20. Benutting maximale belastingcapaciteit          

Provincie

Maximale 
belasting-
capaciteit
(x € 1.000)

in %

Belasting-
opbrengst
2025
(x € 1.000)

in %

Vrije
zoom
2025
(x € 1.000)

in %

Belasting- 
opbrengst als
% van de 
capaciteit

Groningen

99.789

3,1%

68.262

3,3%

31.527

2,7%

68,4%

Fryslân

125.329

3,9%

82.507

4,0%

42.821

3,7%

65,8%

Drenthe

100.359

3,1%

65.997

3,2%

34.362

2,9%

65,8%

Overijssel

222.105

6,9%

130.500

6,3%

91.604

7,8%

58,8%

Gelderland

390.171

12,1%

282.240

13,7%

107.932

9,2%

72,3%

Flevoland

76.847

2,4%

46.086

2,2%

30.761

2,6%

60,0%

Utrecht

279.935

8,7%

168.481

8,2%

111.454

9,5%

60,2%

Noord-Holland

536.620

16,6%

296.886

14,4%

239.734

20,5%

55,3%

Zuid-Holland

591.295

18,3%

428.995

20,8%

162.300

13,9%

72,6%

Zeeland

77.781

2,4%

46.924

2,3%

30.857

2,6%

60,3%

Noord-Brabant

525.131

16,2%

318.682

15,4%

206.449

17,6%

60,7%

Limburg

210.483

6,5%

129.088

6,3%

81.395

6,9%

61,3%

Totaal

3.235.846

100,0%

2.064.651

100%

1.171.195

100%

Deze pagina is gebouwd op 05/20/2026 13:35:41 met de export van 05/20/2026 13:09:19