De totale apparaatskosten zijn ten opzichte van de bijgestelde begroting € 4,1 miljoen lager. De apparaatskosten worden toegerekend aan programma's, overhead, investeringsprojecten en de grondexploitatie Oostpolder. In de toerekening van de apparaatskosten aan de betreffende onderdelen heeft een verschuiving plaatsgevonden. Dit heeft te maken met een wijziging van de inzet van personeel, de fasering van de investeringsprojecten, de toerekening in 2025 aan de grondexploitatie Oostpolder inclusief een correctie met betrekking tot inzet in voorgaande jaren en de uitputting van de budgetten voor personele- en materiële apparaatskosten.
Tabel 29. Verdeling en omvang apparaatskosten
Omschrijving | Begroting | Realisatie | Verschil |
|---|---|---|---|
2025 | 2025 | ||
(x € 1.000) | na wijziging | ||
LASTEN | |||
Personele kosten (AKP) | 113.262 | 109.039 | 4.223 |
Materiële apparaatskosten | 22.691 | 20.802 | 1.889 |
Totaal lasten | 135.953 | 129.841 | 6.112 |
BATEN | |||
Personele kosten (AKP) | 18.960 | 16.507 | -2.453 |
Materiële apparaatskosten | 704 | 1.104 | 400 |
Totaal baten | 19.664 | 17.611 | -2.053 |
Saldo | |||
Personele kosten (AKP) | 94.302 | 92.532 | 1.770 |
Materiële apparaatskosten | 21.987 | 19.698 | 2.289 |
Totaal saldo | 116.289 | 112.230 | 4.059 |
Waarvan toegerekend aan: | |||
- programma's | 52.210 | 55.890 | -3.680 |
- overhead | 60.363 | 49.554 | 10.809 |
Totaal exploitatie | 112.573 | 105.444 | 7.129 |
- investeringswerken wegen en waterwegen | 3.716 | 5.091 | -1.376 |
- grondexploitatie | 0 | 1.695 | -1.695 |
Totaal toegerekend | 116.289 | 112.230 | 4.059 |
Personele kosten (AKP)
Het budget is besteed om de provinciale opgaven en ambities uit het Hoofdlijnenakkoord 2023-2027 Veur Mekoar en het Akkoord 2025-2027 Mit Mekoar , de transities en de reguliere taken goed te kunnen uitvoeren.
De onderschrijding van € 1,8 miljoen (saldo baten-lasten) op de personele apparaatskosten is een combinatie van de diverse factoren.
De personeelskosten zijn begroot op basis van de daadwerkelijke bezetting en daarbij opgeteld de nog in te vullen vacatures om alle taken uit te kunnen voeren. Door de tijdelijke onderbezetting als gevolg van het (tijdelijk) niet invullen van vacatures zijn de kosten lager uitgevallen. Ook hebben vacatures als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt langer open gestaan. Deels worden ook bepaalde functies tijdelijk ingevuld middels externe inhuur omdat de specifieke kennis niet beschikbaar is op de reguliere arbeidsmarkt en is als gevolg van ziekte en andere capaciteitsissues tijdelijk ingehuurd. Zie ook de toelichting in de paragraaf Bedrijfsvoering.
In 2025 is er sprake van een onderbesteding op de budgetten voor ontwikkeling en opleiding van personeel van € 0,75 miljoen. Het grootste deel hiervan heeft betrekking op het Persoonlijk Budget voor Duurzame Inzetbaarheid (PBDI). Het is lastig in te schatten voor welk bedrag én wanneer de medewerkers gebruik maken van hun PBDI (het is inzetbaar voor een periode van vijf jaar). Dit heeft voor 2025 geleid tot een onderbesteding van € 0,64 miljoen. De niet bestede middelen blijven beschikbaar voor de resterende periode. De overige € 0,1 miljoen resteert op de overige budgetten voor opleiding en ontwikkeling. Dit wordt grotendeels veroorzaakt doordat het leiderschapsprogramma later is gestart dan gepland, waardoor een deel van dit programma in 2026 plaatsvindt.
Medewerkers worden voor zakelijke dienstreizen zo veel mogelijk gestimuleerd om gebruikt te maken van het openbaar vervoer. We zien dat hierdoor het budget voor dienstreizen met het openbaar vervoer in 2025 met € 0,1 miljoen overschreden is. Vanaf 2026 is dit budget, naast een aantal andere budgetten voor het personeel zoals onder andere leasefietsen, structureel verhoogd op basis van het uitgaven patroon hierop in de afgelopen jaren.
De baten met betrekking tot personeel zijn lager uitgevallen. Voor een grootste deel heeft dit betrekking op de specifieke uitkeringen die wij van het Rijk ontvangen. Op basis van de werkelijke inzet kunnen de personeelskosten worden gedekt vanuit de specifieke uitkeringen en die ligt lager dan waarbij wij in de bijgestelde begroting vanuit zijn gegaan.
Het resultaat 2025 op de AKP-onderdelen die met de reserve Apparaatskosten personeel worden verrekend, is toegevoegd aan de reserve.
Materiële apparaatskosten
Op de budgetten voor de materiële apparaatskosten is een onderbesteding ontstaan van € 1,9 miljoen. Daarnaast zijn de baten € 0,4 miljoen hoger. De materiële apparaatskosten zijn voor het grootste deel onderdeel van overhead. In de analyse van verschillen in deel 2 zijn de afwijkingen groter dan € 100.000 nader toegelicht bij het deelprogramma 8.1 Bedrijfsvoering.
De materiële apparaatskosten die niet direct op een programma of overhead zijn verantwoord zijn op basis van een verdeelsleutel toegerekend. Dit betreft onder andere de lasten en baten van huisvesting en wagenpark, vaartuigen en overige materieel die betrekking hebben op het onderdeel beheer en onderhoud wegen en vaarwegen. Dit is indirect toegerekend aan programma 4. Bereikbaarheid als onderdeel van de apparaatskosten. Op diverse onderdelen zijn positieve en negatieve resultaten ontstaan. Per saldo een hogere toerekening van € 2,3 miljoen.
De niet bestede middelen (€ 0,36 miljoen) van diverse budgetten zijn toegevoegd aan de reserve Beheer en onderhoud wegen en waterwegen en blijven onder andere beschikbaar voor de toekomstige lasten.
Met de centralisatie van buitendienst op Roodehaan en het verlaten van de oude locaties van de steunpunten komen er mogelijk vastgoedtransacties op gang. Dit brengt ook de verplichting van het saneren van vervuilde bodem (grond en grondwater) met zich mee. Bij de voorbereidingen voor de verkoop van de verschillende locaties is vastgesteld dat op alle locaties, met uitzondering van voormalig Hoekloos en Oostersluisweg, de bodem in meer of mindere mate verontreinigd is met onder andere calciumchloride. Daardoor is het noodzakelijk de percelen, en eventueel omliggende verontreinigde gebieden, te saneren voordat zij van de hand worden gedaan. Inmiddels zijn de daarvoor benodigde bodemonderzoeken uitgevoerd en kunnen in overleg met het bevoegd gezag saneringsplannen worden opgesteld. Als die gereed zijn kunnen de kosten in kaart worden gebracht. Met betrekking tot de locatie Overschild, die wordt gehuurd van Rijkswaterstaat, hebben wij gelet op het contract vooruitlopend hierop een voorziening van € 2,1 miljoen gevormd ten laste van het rekeningresultaat.
Als gevolg van de actualisatie van onze panden hebben wij een aantal boekwaarden afgeboekt van niet meer in bezit zijnde objecten beheer en onderhoud. In totaal is € 0,36 miljoen afgeboekt ten laste van het rekeningresultaat.
De niet bestede middelen op de diverse ICT-budgetten en onderdeel van overhead zijn, zoals toegelicht bij deelprogramma 8.1 Bedrijfsvoering, verrekend met de reserve Automatisering. Ten opzichte van de bijgestelde begroting leidt dit tot een hogere toevoeging van € 0,96 miljoen.
Toerekening apparaatskosten
De kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces worden toegerekend aan het onderdeel overhead. Dit betreft zowel personele als materiële kosten. De toerekening van de kosten van de medewerkers in het primaire proces aan de programma's vindt of rechtstreeks of achteraf via een verdeelsleutel plaats. Wanneer bijvoorbeeld tijdelijke dekking voor personele inzet beschikbaar is, wordt dit rechtstreeks op het programma verantwoord.
De gehanteerde verdeelsleutels zijn gebaseerd op de begrote verdeelsleutels. Een uitzondering hierop is de basis voor de toerekening aan investeringsprojecten die op de balans worden geactiveerd en de inzet voor de grondexploitatie Oostpolder. Hiervoor wordt de inzet van personeel op basis werkelijke uren en uurtarief toegerekend.
Ten opzichte van de begroting is € 4,1 miljoen minder aan apparaatskosten toegerekend. Als gevolg van een hogere toerekening van ongeveer € 1,4 miljoen aan de investeringsprojecten, dit betreft met name het overhead deel als gevolg van een te laag gehanteerde overheadpercentage bij de begroting, en ongeveer € 1,7 miljoen aan de grondexploitatie Oostpolder ontstaat er een voordeel van afgerond € 7,1 miljoen op de exploitatie (programma's en overhead). Dit heeft een positief effect op het resultaat voor de verrekening met reserves.
Reserves
Onderstaand worden per reserve de verschillen ten opzichte van de begroting kort toegelicht.
Apparaatskosten personeel
De restantkredieten op de personele apparaatskosten zijn verrekend met de reserve Apparaatskosten personeel. In totaal is per saldo € 2,96 miljoen toegevoegd aan de reserve.
Beheer en onderhoud wegen en waterwegen
Van de onderbesteding op de diverse budgetten voor materiële kosten is € 0,37 miljoen toegevoegd aan de reserve.
Automatisering
Het saldo op de budgetten voor automatisering en informatievoorziening die zijn gekoppeld aan de reserve Automatisering is verrekend met de reserve. Als gevolg van de onderbesteding in 2025, zie voor een toelichting deelprogramma 8.1 Bedrijfsvoering, is ten opzichte van de begroting per saldo € 0,96 miljoen meer toegevoegd aan de reserve Automatisering.
Resultaat
Het resultaat op de apparaatskosten inclusief bovenstaande verrekeningen is eind 2025 € 2,8 miljoen en valt vrij in het rekeningresultaat 2025. Hiervan heeft € 2,9 miljoen betrekking op de materiële apparaatskosten (inclusief effect overheaddeel toerekening investeringen en grondexploitatie) en -/- € 0,1 miljoen betrekking op de personele apparaatskosten (inclusief effect toerekening directe personeelskosten aan investeringen en grondexploitatie).
In onderstaande tabel is de verrekening van de apparaatskosten toegelicht.
Tabel 30. Verrekening apparaatskosten
Omschrijving | Begroting | Realisatie | Verschil |
|---|---|---|---|
2025 | 2025 | ||
(x € 1.000) | na wijziging | ||
Apparaatskosten programma's en overhead | 112.573 | 105.444 | 7.129 |
Mutaties reserve AKP | |||
- reserve AKP | 812 | 3.768 | -2.957 |
Totaal mutaties reserve (AKP) | 812 | 3.768 | -2.957 |
Mutaties reserves (materiële kosten) | |||
- reserve Automatisering | -507 | 452 | -960 |
- reserve Beheer en onderhoud wegen en waterwegen | 367 | -367 | |
Totaal mutaties reserves (materiële kosten) | -507 | 819 | -1.326 |
Resultaat na verrekening met reserves | 2.846 |